NB24

NB24

vrijdag 10 januari 2014

Winterklus

De autoprop is gearriveerd en op deze mooie januaridag heb ik hem gemonteerd.

2-blads autoprop
Hij ziet er nog blinkend uit. Vreemd geval met die hangende flappen. Ben erg benieuwd naar de prestaties straks in het water.
Gelijk nog maar een ander klusje dan. De oude laadregulator van het zonnepaneel vervangen door een mppt-regulator. Deze zou efficiënter zijn en tot wel 30% meer stroom leveren aan de accu's door een betere laadkarakteristiek.
de nieuwe mppt-laadregulator

het schakelpaneel
Het thuis op de Pfaff 130  gemaakte regenzeil voor de kajuitingang even uitgeprobeerd (met dank aan De Windroos voor het idee). Het venster is mijn eigen toevoeging.


wit en groen hoesje over de lieren
hoesje voor de lier
Ik heb de zwarte antifouling verwijderd van het roer. Ik vind het maar smerig spul. Ik heb er nu een laag witte epoxy opgezet. Daarna gaat er Melkfett overheen als alternatieve antifouling. Kan ik goed volgen wat ermee gebeurt. Een experiment. Bovendien is het roertje van mr. Vee ook wit; staat mooier bij elkaar.

zondag 10 november 2013

Navigeren en AIS op de smartphone

Met mijn iPhone had ik het deze zomer al voor elkaar; mijn telefoon werkte als plottertje met een up-to-date-kaart. Bovendien ontving hij draad
loos van de AIS-transponder signalen. Op het scherm kon ik dus de AIS-icoontjes van andere boten zien.
Dat wilde ik graag, want ik vind het niet praktisch om steeds de kajuit in te moeten om
op de laptop te kijken.
Zo zag het er uit:


Maar .. ik wilde iets anders. Ik kreeg genoeg van de iPhone. Ik vind het te duur. Alles gaat via de app-store. De software is niet open-source. Een ander bezwaar is dat de iPhone erg gevoelig is voor water. Dat moet je nou net niet hebben als je hem als (extra) plotter in de kuip wilt gebruiken.
Ik kocht een andere telefoon, een waterdichte. Deze draait op android. Ik wil hetzelfde voor elkaar krijgen als met de iPhone.
De applicatie die ik voor de iPhone gebruikte (iNAVX) is niet ontwikkeld voor android. Een mailtje naar dat bedrijf leert dat ze dat ook niet van plan zijn. In mijn zoektocht heb ik vele applicaties bekeken. Uiteindelijk vond ik Oruxmaps het meest geschikt. Hiermee kun je vele soorten kaarten online, maar ook offline, weergeven. Het programma heeft veel mogelijkheden: waypoints maken, tracks maken en opslaan, zoom, coördinaten tonen, snelheid weergeven.


oruxmaps
In de laatste versie is het ook mogelijk om via WIFI AIS-signalen te ontvangen en op het scherm weer te geven. Zie het resultaat:
De rode pijl is de Titaantje (staat op de wal  vlak bij de ketelhaven aan het Ketelmeer. Je ziet bij het kunstmatige eiland IJsseloog 2 boten afgebeeld die een AIS-signaal uitzenden. Van rechts komt er ook een boot aangevaren. Helaas kun je nog niet de snelheid zien afgebeeld met een pijl zoals bij het plaatje van de iPhone. Ook is het icoontje niet zo mooi en zijn geen verschillende kleuren voor verschillende typen schepen (vrachtschip, zeiljacht, etc). Ik heb deze kwesties als "feature requests" op het oruxmaps-forum gezet. Een dag later kwam er het antwoord van een oruxmaps-ontwikkelaar dat hij binnenkort aan de slag gaat met AIS/nautical version. Dus ik heb goede hoop dat mijn wensen in vervulling gaan.

De kaart die ik hier gebruik is OpenSeapMap. Het is een waterkaart, maar de waterdiepte staat niet aangegeven. Dat vind ik voor het IJsselmeer geen bezwaar (de relevante ondieptes ken ik inmiddels wel), maar voor de Wadden is het uiteraard een ander verhaal. OpenSeaMap is wel bezig om in de toekomst ook de waterdieptes in de kaart aan te geven, maar daar heb ik nu niets aan. Ik ga nu proberen om een zelf gescande papieren kaart in het systeem in te lezen. Als dat lukt heb ik met android voor elkaar wat ik wilde bereiken. En.. bij Oruxmaps een "feature request" neergelegd om Oruxmaps geschikt te maken voor de door Rijkswaterstaat beschikbaar gestelde ENC-waterkaarten. Dat zou veel werk (en geld) schelen.

vrijdag 1 november 2013

Najaarsklussen

Vandaag schoongemaakt en in de was gezet. De romp ziet er niet meer mooi uit. Het groen is wolkig verkleurd op veel plaatsen. Verder zijn er beschadigingen van het verfsysteem door de stootwillen. Ik ga proberen of ik die plekken door polijsten kan verbeteren.
Verder geprobeerd de schroef te demonteren. Eerst de anode verwijderd. Dan het omgebogen deel van de ring rechtgebogen en vervolgens de moer verwijderd. Poelietrekker instelling gebracht, aangedraaid, brander op de schroef....en dan: niets. Na enkele pogingen houd ik het voor gezien. Dat gaat met dit materieel niet lukken. Ik vraag hulp van de jachthaven. Iemand komt kijken. Hij ziet mijn campinggasbrandertje en mijn poelietrekker en zijn mondhoeken vertrekken in een meewarige grijns. Hij zal die schroef er deze week wel even aftrekken met een echte poelietrekker en brander.

Volgende klus: het demonteren van het midzwaardje. Met een inbussleutel beide bouten losdraaien. Aan één kant gaat het goed, de andere kant zit muurvast. Als ik aan die kant draai, gaat de hele as meedraaien. Dan laat ik die kant maar zitten. Op de plaats van de geloste bout draai ik nu een lang draadeind in het schroefdraad, een paar tikken met de hamer  en de as komt los. Ik haal het zwaardje eruit. Ik inspekteer hem met een lampje en zie dat ik deze klus niet voor niets ga doen. Dikke bladders roest hangen overal. Even proefschrapen met het zelfgefabriceerde gereedschap; in 2 tellen ligt de grond bezaaid met roestbladders.

de zwaardkast van onderaf gefotografeerd
Het gereedschap (met dank aan Jur Pels voor de ideeën)
na het schoonkrabben en -borstelen
na aanbrengen laag Owatrol
ook de onderkant vertoonde roestbladders
en dit kwam er allemaal uit!
Na behandeling met Primocon en Melkfett (au bain Marie verwarmd)
Als de zwaardkast klaar is kan het zwaardje er weer in. Zou het nog passen, met 3 lagen Owatrol en 2 lagen Primocon aan beide kanten? Tot mijn verbazing gaat het inbrengen veel gemakkelijker dan het uitnemen. Ook het ophalen en neerlaten vanuit de kajuit gaat nu veel gemakkelijker dan voorheen.

maandag 7 oktober 2013

Najaar

Het is alweer oktober. Het jaarlijkse motoronderhoud is verricht. Nog een paar weken zeilen en dan gaat de Titaantje weer op de wal. Dit keer met de mast erop. Ik hoef geen klusjes meer in de masttop te doen en op de kant staat hij door hoge bomen redelijk goed beschut. Alle boten om mij heen hebben de mast staand. Vorig jaar was ik één van de weinigen met een gestreken mast. Ik ga het maar eens proberen.
Het was een mooi zeiljaar. De Small Ship Race naar Lowestoft was direkt al het hoogtepunt, maar ook de zomervakantie op de wadden was fantastisch. Na de eerste bescheiden wad-ervaring vorig jaar (Den Oever-Oude Schild en weer terug) heb ik nu wat langer op de wadden kunnen vertoeven.

De eerste dag, solo, kruisend van Urk naar Medemblik, was de heftigste; een harde noordwestelijke wind en felle buien. Op de foto zie je de buien al, maar er was op dat moment nog niet zoveel wind. Die liet niet lang op zich wachten; een rif in het grootzeil en een deels ingerolde fok.
Bij de Rotterdamse hoek overwoog ik zelfs even een tweede rif. De volgende dag met mildere omstandigheden naar Den Oever. Daar was ik al zo snel dat ik besloot maar gelijk door te gaan naar Oude Schild. In Oude Schild kwam even later een

Drascombe in de box naast me liggen. Ik raakte aan de praat met Frits, de schipper. Ook hij had de wind en de hoge golven van de vorige dag op het IJsselmeer solo varend met zijn Drascombe getrotseerd; je hebt altijd baas boven baas. Ik vind dat een North Beach 24 vergeleken met een 30-voeter meer zeilgevoel biedt; de golven zijn niet altijd even fijn en de kuip biedt geen beschutting tegen regen en wind, maar je voelt wel dat je aan het zeilen bent. Het is handwerk. Een grote boot snijdt schijnbaar onaangedaan door de golven; comfortabel, maar minder levendig, om niet te zeggen saai. Het is maar wat je zoekt.
Maar als het om het zeilgevoel gaat is een Drascombe wat mij betreft de baas. Dat is nog veel meer terug naar de basis. Ik heb grote bewondering voor hen die zich met een Drascombe op groter water begeven.
Jikke, mijn dochter, belde op. Ze wilde graag meevaren. Dat was een geweldige verrassing. Solozeilen vind ik prima, maar gedeelde vreugde is nog meer genieten. En alleen eten en de avond doorbrengen blijf ik maar miserabel vinden. Ik haalde haar de volgende dag van de pont en we gingen de volgende route plannen. Het doel was Terschelling. We vonden een route, rekenden uit hoe laat we de meest ondiepe plek moesten passeren. Het rekenwerk kost mij nog veel tijd. De volgende dag vertrokken we tegen 11.00 uur, rekening houdende met de hoogwater-kentering bij het ondiepe punt. Het was magnifiek. Lekker weer, goede wind uit de juiste richting; alles was bezeild. Wat een prachtig gebied. Navigeren was in deze omstandigheden niet moeilijk. Stroom heb je in de geulen mee of tegen, dus je wordt niet zijdelings weggezet. De rust was opvallend. Pas bij het Inschot en helemaal op de Vliestroom werd het druk met de armada die afkomstig was van Kornwerderzand en Harlingen. Frits, die met zijn Drascombe een half uurtje eerder vertrokken was richting Vlieland en die we verwachtten in te halen, hebben we niet meer gezien. We hebben zijn snelheid duidelijk onderschat. 's Avonds kregen we zijn sms-berichtje dat hij een prima overtocht had gehad. Ook voor hem was het zijn debuut op het wad.
Tegen 20.00 uur liepen we de haven van West-Terschelling binnen. We waren niet de enige North Beach 24; de "IJsvogel" lag er ook al.

3 Dagen later zetten we de reis weer voort. We wilden naar Harlingen, maar dan niet over de snelweg, maar de ondiepe route Oosterom-Riepel-Oost Meep-Vlakte van Oostbierum-Kimstergat. Er waren twee kritische ondieptes, de Riepel en de Vlakte van Oostbierum.  Om de laatste wantij over te kunnen mochten we niet te laat vertrekken, maar dan zou er op de Riepel misschien nog te weinig water staan. In alle vroegte, om 06.00 uur, verlieten we West-Terschelling. We beleefden het ochtendgloren ten volle; een bijzonder begin van de dag. De Riepel kwamen we zonder problemen over, met opgehaald midzwaardje hielden we nog zeker 30 cm water onder de kiel. Het hele traject zagen we niet meer dan 5 boten. Het Kimstergat bleek volledig betond te zijn, wat ik niet had verwacht. Dat maakte een en ander weer gemakkelijk. Inmiddels was het gaan regenen.
Harlingen aanlopen was wel even wennen. Ik was er nog niet eerder met mijn boot geweest. Het is druk, overal komen boten vandaan: veerponten, vrachtboten, sleepboten, bruine vloot en zeiljachten. Je moet voortdurend om je heen kijken. Maar 3 kwartier later vond ik een mooi plek in de Noorderhaven. Tevreden terugkijkend op een route, die niet elk kieljacht kan maken...
De volgende dag, inmiddels weer alleen, want Jikke is in Harlingen afgestapt, richting Kornwerderzand en vervolgens Urk. Mister Vee verleende goede diensten. De hele tocht over het IJsselmeer kon ik me bezighouden met inpakken, schoonmaken en koffiedrinken.
Hopelijk is het de komende weken nog goed zeilweer. Inmiddels ga ik nadenken over de winterklussen.
  • In elk geval wil ik de zwaardkast een beurt geven. Vorig was hij zodanig gestut op de bok dat het zwaardje er niet uit kon. Daar ga ik nu rekening mee houden als hij in de singels hangt.
  • Verder overweeg ik een andere schroef; een autoprop, die veel minder remt als je zeilt. Snelheid is niet het sterkste punt van de North Beach 24. Dat is ook niet erg; er zijn genoeg eigenschappen waar hij naar mijn smaak in excelleert: stabiliteit, zeewaardigheid, geschiktheid voor solozeilen, gebalanceerd roer, variabele diepgang, een alleskunner. Toch is het prettig als de remmende werking van de schroef tijdens het zeilen vermindert.
  • Ook wil ik nagaan of er niet een beter systeem te realiseren valt voor het rolsysteem van de kluiver. Er bestaan furler-systemen, bedoeld  code-Zero, die vliegend gevaren zeilen oprollen. Voorbeelden zijn de Nex van Profurl, de Code-X van Selden en de Facnor FX-serie. In het voorlijk zit een anti-torsielijn, die de draaikracht van de trommel (onder)  met een geringe vertraging overbrengt op de wartel (boven). Eigenlijk is dit niets anders dan wat ik nu gebruik, het ziet er alleen gelikter uit. Wel ben ik benieuwd naar de "antitorsielijn". Zou dit een verbetering kunnen zijn van het huidige voorlijk? Iets om bij de zeilmaker na te vragen.Het oprollen van de kluiver bij veel wind, zodanig dat de kluiver ook goed opgerold blijft, vind ik nu een zwak punt; het onderlijk rolt goed op, maar bovenin blijft het achter. Het zit daar erg los, bij veel wind gaat het dan steeds verder ontrollen en klapperen. Juist met veel wind wil je dit niet hebben. Het strijken van een klapperende kluiver met veel wind en hoge golven is nauwelijks te doen. Dit leverde me al eens een stuk geschavielde kluiverval op.

vrijdag 28 juni 2013

Testen

De Yanmar-dealer kan mij niet helpen aan een pakking voor de lekkende bout op het brandstof-fijnfilter. Hij gaat het voor me bestellen. Dat klusje kan ik vandaag overslaan.
Dan de AIS; die is geïnstalleerd en het werkt. Nu wil ik op mijn telefoon tijdens het zeilen de AIS signalen van andere boten kunnen zien. Ik heb namelijk geen plotter in de kuip die dat kan. Mijn plotter is namelijk een hand-GPS-je, die overigens uitstekend voldoet. De laptop in de kajuit geeft de AIS-signalen prima weer, maar daarvoor moet je dus wel steeds de kajuit in.
In de haven sluit ik mijn telefoon aan op de WiFi van de AIS. IP-nummer invullen en de juiste poort.....hij doet het.


Mister Vee optuigen (vaan en roertje) en dan de haven uit. Er wordt niet veel gezeild.
Het waait lekker, schijnbare wind (aan de wind) 18-21 kn. Het is westendwind, dus bij Urk veel golven. Maar dat ben ik nou wel gewend. De Titaantje gaat er meestal mooi doorheen, soms beukt hij bovenop een golf. Eén keer komt er een enorme golf bovenop het dek terecht. Dat had ik nog niet eerder meegemaakt. Gelukkig is het voorluik goed dicht. Ik duik snel achter de buiskapen blijf redelijk droog. Het water loopt weer van de boot af.

Nu mister Vee aan het werk zetten.


Met deze golven en deze wind is het nog niet zo heel gemakkelijk om de vaan in te stellen. Hij is vrij ver achter de spiegel gemonteerd om het roer de ruimte te geven. De achterstag geeft gelukkig goed houvast. Het werkt goed. Fascinerend hoe de wind het mechaniek in werking zet zodat de Titaantje op koers blijft. Ik experimenteer wat met de plaats waar je het kettinkje bevestigt op het lipje op de helmstok. Een paar schakeltjes meer naar links of naar rechts heeft grote invloed op de koers die gevolgd wordt. Halve wind en aan de wind doet ie het goed. Op ruime-windse koers wil het ook uitproberen, maar het waait me nu net iets te hard om verschillende standen van de vaan te testen. Dat doe ik wel een andere keer.


Ondertussen heb ik mooi mijn handen vrij om eens op mijn telefoon te kijken. Er komt een boot uit Urk mijn kant op. Ik kijk achterom en zie  hem ook: de veerboot die op weg gaat naar Enkhuizen.

die blauwe driehoek .... dat ben ik

het "instrumenten"-scherm
track op marinetraffic.com
terug naar Urk










vrijdag 31 mei 2013

Aan de klus

De windmeter heeft er de brui aan gegeven en de navtex idem dito. Beiden kunnen gemist worden, maar ik kan er niet tegen om allerlei elektronisch spul aan boord te hebben dat het niet doet. Beide apparaten heb ik eindeloos geconfigureerd met de gebruiksaanwijzing in de hand in de hoop dat het een instellingsfout is. Dat is het dus niet. De windmeter houdt vol dat de schijnbare wind altijd van 90 graden invalt, hoe ik ook vaar. De navtex presteert niet meer dan een onderste regel met "#########".
Na bestudering van de manuals, bekabeling en diverse fora is mijn diagnose: een defekte gever van de windmeter (het windmolentje met de 3 cupjes in de top van de mast) en een defekte antenne van de navtex.
De windmeter is als complete set in de aanbieding (de set is goedkoper dan alleen een gever!).
Aan de slag. De nieuwe antenne  van de navtex gelijk inpluggen en kijken wat er gebeurt. Op het scherm waarop je de sterkte van de ontvangen signalen afleest schieten de pieken vrolijk omhoog. Dat werkt dus. Een uur later is de antenne netjes geïnstalleerd met de kabel door het gootje in de hondenkooi.
Nu de windmeter. Dit is de grootste opgave (en uitgave). In de kajuit onder de mast haal ik de verbinding los van de kabel die het signaal van de gever doorgeeft aan de windmeter. De nieuwe aansluiten, blazen ... en ja hoor, de windmeter werkt weer. Het denkwerk klopt dus. Nu de uitvoering. Mast strijken, oude gever demonteren, nieuwe kabel aan de oude vastmaken en voorzichtig door de mast trekken. Mast weer overeind zetten, stagen spannen, fok aanslaan, giek bevestigen.
Alles werkt. Ik zou nu tevreden naar huis kunnen gaan. Het is 3 uur, prachtig weer, zonnig, het waait flink. Heb ik een zeilboot om alleen maar aan te klussen? Ik ga nog even een uurtje zeilen.
Buiten de haven blijkt dat het echt stevig waait, 20 to 23 knopen, lees ik nu op mijn gerepareerde windmetertje. De kluiver laat ik lekker opgerold. Ik vaar met grootzeil en fok ruim 6 kn. Genieten van het zeilen, de snelheid, het mooie weer. Bijna terug gebeurt het weer; de kluiver vangt wind en klappert hoe langer hoe meer los. Er is maar een remedie: strijken. Geen lolletje om me met deze wind en deze golven op het voordek te begeven. Ik doe een poging, maar de kluiver is inmiddels te ver ontrold en vangt veel te veel wind. Hij wordt uit mijn handen gerukt. Die trek ik niet zomaar even naar beneden. Ik ben al bijna bij Urk. Ik besluit de motor te starten, in de wind te draaien en al het zeil te strijken. De fok is opgerold, ik ben bezig met het strijken van het grootzeil en dan zie ik ineens de kluiver naast de boot in het water liggen. De val is gebroken, of kapot geschavield bij het blok.Ik haal de boel binnenboord. Gelukkig niets in de schroef gekomen (het kan altijd erger, nietwaar?).
De eerstvolgende klus wordt: mast strijken en een nieuwe kluiverval door de mast trekken.