NB24

NB24

zondag 15 november 2020

Zwaardkast

 



Foto van onderaf genomen, je kijkt in de roestige zwaardkast


Het is duidelijk weer tijd voor een klus. 

Voorbereiding: gereedschap maken of aanpassen om in de gleuf van 5 cm breed de wanden roestvrij te kunnen krabben.

Een verfkrabber op een buis gemomteerd voor het grove eerste werk, een geslepen steenbeitel, met name voor de smalle zijkanten en het plafond.

Een krabmesje uit de gele krabber van de watersportwinkel, gemonteerd op een muurplaat voor waterleidingbuis (met dank aan Geert). Hier heb ik ook een paar reserve mesjes voor. Dit is echt het belangrijkste gereedschap gebleken. 

Met 2 mesjes (voor en achterkant) kan ik de zwaardkast behoorlijk goed kaal krijgen.

Het blijft een vies karwei. Ik schrok van mezelf toen ik daar na in de spiegel keek. Een onvervalste roetveeg-Piet.

Geen mondkapje, leerpuntje voor de volgende keer.

Het schuren is lastiger. Schuurpapier met dubbelzijdig plakband op een plankje gaat niet heel erg goed. Zo glad is het oppervlak nou ook weer niet. Staalborstels op de boormachine werkt op de een of andere manier ook niet goed, hooguit doet het iets op het plafond. 

Maar met dubbelzijdig plakband  op de handschoen en daarop schuurpapier gaat redelijk. Ik kan, als ik mijn hand in de zwaardkast steek, met gestrekte vingers net bij de bovenkant komen. Zo kan ik het redelijk goed schuren. Fijn is het niet; ik heb nog de schaafplekken op mijn onderarmen.

Beetje pijn voor de goede zaak.



de opbrengst, het lijkt zo minder 
dan het in werkelijkheid was

Dan goed stofzuigen, ontvetten en de eerste laag primer (wit) erop met de kwast (met een gebogen uiteinde). 

Een week later de 2e laag, zwart.

Dit keer met een rollertje. Dat gaat veel gemakkelijker en geeft direkt meer laagdikte. 

Beetje pech is dat het nogal miezerig weer is. Met de temperatuur zit het wel goed, maar de luchtvochtigheid is hoog. 

Ik leg de verffohn op de grond en laat hem omhoog blazen. De warme lucht stijgt op de zwaardkast in en het wordt toch niet heet.

Na een kwartier vind ik dat het goed is. Meten is weten, maar soms is het beter om niet te veel te meten. Het microklimaat in de zwaardkast is nu kurkdroog.

Weer thuis, als ik de auto leegruim en de spulletjes in de schuur opberg, zie ik dat het geen zwarte primer was, maar coating. Ik heb zojuist de eerste laag epoxy aangebracht. Was niet de bedoeling, maar ik kan er nu niets meer aan veranderen. Nog een leerpuntje: goed lezen.


Het mechanisme waarmee het zwaard aan de ophaalstang vast zit vertrouw ik niet helemaal. 

De RVS stripjes zitten met 1 bout aan het zwaardje. De bout heeft geen moer. Losdraaien lukt niet, hij zit met schroefdraad in het stripje vast. Als dit boutje het begeeft kan ik het zwaard niet meer ophalen. Dat geeft de doorslag. Ik zaag het boutje door; het is krom. Ik ga er een 5 mm borstbout in doen. Dan is het goed geborgd tegen loskomen.

21 november: licht schuren en de 2e laag epoxy coating aangebracht. Omdat ik aan het schilderen ben begint het weer licht te regenen. Maar met de verffohn denk ik wel weer een kurkdroog microklimaat te hebben geschapen.
24 november: vandaag de derde laag. Het is voor de verandering droog, zelfs zonnig weer.


En nu maar hopen dat het zwaardje er nog tussen past.
07 december: zwaardje er weer in gezet. 

dinsdag 27 oktober 2020

Winterklaar

Hij is weer klaar voor de winter. Ik kan me nu al op het voorjaar verheugen als de dektent er weer af gaat en de boot er brandschoon onder vandaan komt.

De vallen dit keer de mast ingetrokken met een lijntje van de Action eraan vast. 

Onderhoudswerkzaamheden aan de huiken en verstelwerk aan de buiskap zijn klaar.

Winterklussen:

- zwaarkast weer aanpakken

- grootzeil maken






Kapje voor de lier, vorig jaar was op deze plek een scheurtje ontstaan.




vrijdag 9 oktober 2020

Laatste keer voor de winterslaap

Vorige week motoronderhoud, vandaag watertank gereinigd en voorbereid voor de winter. Voorpiek schoongemaakt. 

Ieder jaar denk ik weer hoe ik de wc nou het beste winterklaar kan maken. Antivries in de wc en dan wegpompen beschermt het inlaat gedeelte niet. 

Je zou de slang van de inlaat, waarmee water van buiten de wc in wordt gepompt, kunnen losnemen van de afsluiter en dan in een tankje antivries kunnen stoppen en dat door de wc pompen. Is wel een gedoe. Waarom niet de de inlaat slang doorknippen, een T-stuk tussen zetten en aan de aftakking een stukje slang zetten met een afsluiter. 

Via die aftakking kan je dan elk jaar antivries oppompen. 

Daarna nog even gezeild. Vriendelijk windje, rustig IJsselmeer.





zondag 27 september 2020

Een dagje met de Koningin


Laat in het seizoen nog een dagje met Jikke op de Koningin van de Nacht.

We hebben dit jaar niet een week samen gezeild, niet naar Engeland, niet naar het Wad. Ik heb het gemist.  Maar vandaag maakt een beetje goed. Het is prachtig weer. We beginnen met 1 rif. Na een uurtje kan het er uit. We varen tot bijna Lelystad en gaat dan terug. De wind zakt verder in. Het zeilen wordt steeds minder spectaculair, maar we kunnen lekker bijkletsen. Daarom hijsen we de spinnaker maar niet. 


Ik kijk nog eens met een kritisch oog naar de zeilgardarobe. Niet gek.



vrijdag 25 september 2020

Grootzeil 1




Tijd voor een nieuw feuilleton.



Het huidige grootzeil is zo oud als de boot. Er zit geen coating meer op. De bolling is te diep en zit bovendien te veel naar voren. Tijd voor een nieuw winterprojekt. 

Het nieuwe grootzeil wordt weer dacron, maar van een degelijke kwaliteit. Het wordt een tridradiaal ontwerp, net als de fok. De bovenste zeillat wordt verjongd en doorgelat, misschien de op een na bovenste ook, dat wordt een overlegpuntje met de zeilmaker. Ik vind de vorm van het zeil niet mooi bij het einde van die zeillat. Alsof er een punt in het zeil zit. 

Er komen 2 reven in, een losse broek. Ik probeer het achterlijk iets uit te bouwen.



Opmeten: Hoe kies je de stand van de giek. Hangt de giek te laag dan komt ie tegen de buiskap aan.  Te hoog dan wordt het zeil te klein. Ik kies voor 10 cm boven de buiskap.                                                                                                                                                

Lastig bij het opmeten vind ik de stand van de mast. Die staat iets achterover (rake). Maar hoeveel? Ik probeer dat te meten door een zwaar gewicht aan de grootzeilval te hangen zodat het loodrecht naar beneden hangt. En dan de afstand tot de mast meten. Maar dan moet het wel windstil zijn en dat is het nooit. Tenminste niet als ik op de Titaantje ben. Een waterpas tegen de mast houden werkt niet. Een foto maken van de mast met huizen op de kade op de achtergrond. De kozijnen en balkons lopen horizontaal, hoop ik. Met een lineaal kan ik dan op de foto een loodrechte lijn trekken en dan meten hoeveel afwijking de mast heeft. 

Mast prebend: de rode blak staat parallel
aan de onderkant van de mast



Mast rake+prebend: de rode balk
staat haaks op de horizontaal


De prebend (kromming) van de mast is ook lastig, maar toch wel iets beter te schatten.



















Het is een wat gekunstelde manier van berekenen, maar ik kom uit op rake + prebend van 18 cm en prebend van 12,5 cm. Dus de rake (achteroverhellen) is dan 5,5 cm. 
  1. P dimensie: 7.90 meter. Gemeten van bovenkant giek tot aan de karabijnhaak van de grootzeilval (maximaal doorgezet dus boven in de mast). Als je 10 cm speling wil om het voorlijk goed te kunnen spannen en verder rekening houdend met enige rek van het voorlijk is het hooguit 7.80 meter.
  2. Max leech: 8.39 meter.
  3. Mast - achterstag langs de giek: 3.69 m.
  4. E dimensie: achterkant mast - uiteinde giek, tot waar de schoothoek als uiterste kan komen: 3.31 m.
  5. mast crane: ongeveer 0.10 m
  6. mast rake: 5.5 cm
  7. mast prebend: 12.5 cm
Op basis van deze maten ga ik het nieuwe grootzeil ontwerpen. 
Dan moeten er keuzes gemaakt worden. Hoe wil ik de bolling en waar?
Daarbij is het uitgangspunt dat het nu eenmaal niet een lichte raceboot betreft die gauw op snelheid is, waar je voor een vlak zeil zou kiezen, waarmee je hoog aan de wind kan varen. 
Een NB24 is een zware toerboot, een langkieler bovendien. Daar kan je per definitie niet mee hoog aan de wind varen. Het zeil zal dus meer power moeten leveren en derhalve zal het wat boller moeten zijn. 

Dit is een beginpunt:





                



Het zijn wel erg veel panelen, maar we hebben nog een hele winter voor ons:


Vragen om met de zeilmaker te overleggen:
  • Is 10 cm van de P dimensie aftrekken voldoende?
  • de koorde (plaats en diepte) op de 3 niveaus, de angle of attack
  • de zin van een 2e doorgelatte zeillat, of een 2e lange en verjongde zeillat 
  • versterking ter plaatse van de reven: bij een triradiaalzeil lopen de naden in het onderste deel van het zeil nagenoeg verticaal. Bij een rif wordt bij het spannen van het onderlijk veel kracht uitgeoefend dwars op die naden. Je trekt de naden als het ware uit elkaar. Daar zal een versterking uitkomst moeten bieden in de zin van een horizontaal verlopende tape.
  • telltales achterlijk
  • cunningham zinvol?
  • doek: Contender’s Fibercon® Pro Warp Tech 6.88


zondag 20 september 2020

Buiskap nr 2

 




Deze buiskap past beter. Hij is wat hoger dan de vorige. Het dak is mooi strak , de voorruit nog niet helemaal. Ik kan hem iets aanpassen (2 ritsen verplaatsen) en dan is hij strakker. Doe ik deze winter wel. Het mooie van deze kap is dat je aan de buitenkant geen ritsen in het zijpaneel ziet. Afgekeken tijdens het North Beach weekend.